Cassis in all its beauty

Sinds jaar en dag al maak ik cassisbessengelei. Vorig jaar is daar cassislikeur bijgekomen en dit jaar voeg ik met het water in de mond crème de cassis aan mijn lijstje toe. Maar ik begin alvast met het recept voor de gelei.

Cassisbessengelei

Cassisbessengelei maken is eigenlijk heel erg eenvoudig. Het enige wat je moet onthouden is dat er voor cassisbessengelei geen 1/1 verhouding nodig is: 1 liter sap met 850 gram suiker is ruim voldoende.

En een ontsapper is ook superhandig, zeker als je voor grotere hoeveelheden gaat, maar dat hoeft absoluut niet! Let’s go!

Benodigdheden
Verse cassisbessen

Per liter cassisbessensap:
– 850 gram suiker
– 1 citroen

Ontsapper of neteldoek
Glazen bokaaltjes en deksels
Paraffine

Leg de besjes even in koud water, zodat beestjes, blaadjes en eventueel vuil eraf gespoeld raken. Verwijder eventueel geplette besjes, blaadjes, overdaad aan stengeltjes maar eigenlijk is het niet nodig.

Doe de besjes in het bovendeel van je ontsapper en vang het sap op in een maatbeker, zo weet je meteen hoeveel sap je hebt.

Als je geen ontsapper hebt, raak je ook al een heel eind met een gewone neteldoek. Zo’n doek is ook ideaal als je maar een kleine hoeveelheid gelei wil maken. Je doet in dat geval de besjes in een pot die je op een zacht vuurtje zet zodat de besjes voorzichtig platkoken. Van zodra dit het geval is, leg je de neteldoek in een zeef, die je op een maatbeker plaatst en giet je de besjes en het sap dat al vrijgekomen is in de neteldoek. Draai de neteldoek dicht en zet alles 24 uur weg. Je kan het proces ook wat versnellen door met je handen de neteldoek uit te wringen. Wees in dat geval wel voorzichtig want de besjes en het sap blijven nog verrassend lang gloeiend heet.

Doe het sap vervolgens in een emaillen pot samen met het citroensap en breng aan de kook.
Verwijder het “schuim” dat boven op het sap komt drijven van zodra het sap goed begint op te warmen.

En ondertussen …
Leg je een klein bordje in de ijskast (een “ondertas”), dat hebben we straks nodig om te testen of de gelei voldoende is ingedikt.
En vergeet ook niet om wat glazen bokaaltjes en dekseltjes te sterilliseren: gewoon 2 minuutjes onderdompelen in kokend water.

Van zodra het sap kookt, voeg je de suiker al roerend toe en blijf je roeren tot de suiker is opgelost.
Blijf ondertussen overtollig “schuim” wegscheppen en laat de gelei indikken op een matig hoog vuur. Na een minuutje of 10 voel je hoe de gelei “tegendruk” begint te veroorzaken wanneer je met je houten lepel roert. Dat is het moment om je bordje uit de ijskast te halen en een klein straaltje ingedikt sap op het bordje te druppelen.
Zet vervolgens het bordje terug 2 minuutjes in de ijskast en laat de gelei rustig verder borrelen terwijl je regelmatig roert.

Na 2 minuutjes haal je het bordje terug uit de ijskast en duw je met je nagel de gelei vooruit. Als de gelei mooi “ribbelt”, is ie in principe voldoende ingedikt. Als je je bordje ook nog eens ondersteboven kan houden en de gelei mooi blijft hangen, zit je geheid goed!

Zet nu het vuur af en laat de gelei nog even 2 minuutjes rusten. Daarna kan je beginnen je bokaaltjes te vullen.

Van zodra de gelei is afgekoeld (een dagje later) …
Warm je de paraffine op au bain-marie en dek je de gelei af met een laagje paraffine. Opnieuw goed laten afkoelen voordat je het deksel erop draait.
Je kan de gelei zo gemakkelijk een jaar bewaren.

Plaats een reactie