In mei leggen alle vogels toch een ei, toch? Hier in mijn tuintje alleszins wel. En meer dan eentje!

Tegen de zijkant van het tuinhuis hangt een keischattig vogelhuisje. Het is niet gewoon zo eentje van 4 planken tegen elkaar genageld en een plat dakje erop, nee nee: het is een tot de perfectie afgewerkt minihuisje met muren in beige plankenmotief, een lichtgrijs zadeldak, een sierdeurtje mét afdak en raampjes met blinden aan de zijkant.
Ermee rekening houdend dat ik de overdaad aan huizenjacht-programma’s op TV aan het reflecteren was op de koolmezenkolonie in mijn tuin, was ik er enkele weken geleden plots toch van overtuigd dat er regelmatig een koolmeesje op de ballustrade van mijn terras kwam zitten om die prachtige vrijstaande op-en-top afgewerkte vogelvilla te bewonderen. Het moet liefde op het eerste gezicht geweest zijn want enige tijd later zag ik hoe die koolmees – Kobe voor de vrienden – met regelmaat van de klok voorzichtig zijn kopje door het open venster op het eerste verdiep stak om ook het interieur aan een grondig onderzoek te onderwerpen. Ik zeg Kobe, maar het kan natuurlijk ook Kelly geweest zijn.
Kobe en Kelly zijn de afgelopen dagen even van mijn radar geweest: verlengd weekend, mooi weer, stapje in de wereld gezet, naar kantoor op maandag, … Tot gisteren.
Mijn bureau thuis staat voor een groot raam dat vol uitzicht biedt op de tuin, inclusief het tuinhuis. Het duurde gisteren dan ook niet lang vooraleer ik in mijn ooghoeken een komen en gaan van koolmeesjes gewaar werd. Wat een drukte! Op de tarmac van Zaventem was het qua vliegverkeer volgens mij lang zo druk niet als hier op mijn terras.
Zolang dat ik braaf op mijn stoel achter mijn pc bleef zitten, werden er à volonté wormen, rupsen en ander lekkers aangevoerd.
Braaf op mijn stoel blijven zitten dus … Tegen wie zeg je het.
Nog voor de voormiddag om was, moest ik toch eens eventjes gecheckt hebben of er daar leven zat in dat huisje. En jawel hoor! Er kwam stevig wat gepiep uit de villa! Tja … en als je ze gehoord hebt … wil je ze natuurlijk ook zien … of een klein beetje toch. Zo werkt dat bij mij in elk geval … Ik weet het, je laat die beestjes best gewoon gerust maar hoe kan je nu in godsherenaam totaal géén aandrang voelen om je neus door dat gaatje van het nestkastje te steken? Dus ja, ik heb waarschijnlijk tot grote ergernis van Kobe en Kelly toch wat pogingen ondernomen om hun nakomelingen te bewonderen. En het is gelukt: vier wijd opengesperde bekjes gilden luidkeels om nog een hapje. Wat een lawaai maken die kleine opdondertjes! Waar zouden we dat nog al gehoord hebben?