Car sitters

Nog even. Nog héél even. Ik vermoed dat ik dit weekend in de tuin de eerste vlierbloesems kan plukken. Pas na 20 jaar heb ik vorige lente ontdekt dat die ongebreideld in alle richtingen groeiende struik helemaal achter in de tuin, een vlier is. Dat leverde dus meteen een aantal flesjes vlierbloesemazijn en vlierbloesemsiroop op én het masterplan om dit jaar nog wat andere dingen uit te proberen.

Veel te lang achter mijn pc zitten en de als gevolg daarvan pijnlijke onderrug, zorgde ervoor dat ik vanavond mijn wandelschoenen aantrok om een uurtje te gaan stappen. Dat gaf me meteen ook de kans om langs de smalle wandel- en bospaadjes bij ons in de buurt even te checken hoe het daar met de vlierbloesems stond, kwestie van er helemaal klaar voor te zijn als de bloesems vol in bloei staan binnen een paar dagen.

Nadat mijn smartphone mij een aantal keren nadrukkelijk “plongde” dat er dringend een aantal berichtjes dienden gelezen te worden, bekeek ik ook nog even mijn Facebook posts.
En daar blonk, bovenaan de meest recente berichten, de vraag van een vriendin van me: “Zijn er car sitters bij ons in het dorp?”

Car sitters … Qua originele en quasi onmogelijke ideeën steekt deze madame binnen mijn kennissenkring inderdaad met kop en schouders boven iedereen uit. Maar toch …
Wat moet je je in godsnaam voorstellen bij car sitters? Voor zover ik op de hoogte was, had ze recent toch niet geïnvesteerd in een zodanig groot wagenpark dat ze dringend moest uitkijken naar een wagenparkbeheerder-op-zoek-naar-kleine-bijverdienste.

Dus WhatsAppte ik haar veiligheidshalve toch maar even:

Misschien wordt het toch eens tijd dat ik begin te beseffen dat wandelen in combinatie met social media terwijl je ook nog eens meezingt met (en sporadisch ook stiekem een danspasje zet op) de muziek die in je oren schalt, mogelijk toch nèt iets te hoog gegrepen is. Maar of dat indruk gaat maken? Hmmm … Naaaaah … denk het niet.

Plaats een reactie